Een Belgische oppositiepartij wil geld voor noodhulp in het buitenland gebruiken om dierentuin Pakawi te steunen. De lokale afdeling van N-VA in Balen-Olmen wil dat de gemeente een eenmalige subsidie verstrekt aan het omstreden dierenpark. Het gemeentebestuur ziet daar niets in.
De oppositiepartij heeft een opmerkelijke financieringsbron gevonden. De gemeente reserveert jaarlijks 5000 euro voor humanitaire noodhulp aan slachtoffers van rampen in het buitenland. Dat geld ging eerder onder meer naar Myanmar en Gaza. N-VA wil het bedrag nu liever aan Pakawi besteden, meldt de Belgische regionale omroep RTV.
Pakawi Park moest onlangs zestien dierenverblijven sluiten na ingrijpen van de Vlaamse overheid. Bij vijf verblijven werd de erkenning geschorst, terwijl elf andere hun erkenning verloren. Het park moet tekortkomingen op het gebied van dierenwelzijn, hygiëne en veiligheid verhelpen. Uiterlijk op 15 november moeten de verblijven worden afgeschermd voor publiek.
Volgens N-VA-fractievoorzitter Siebe Van Hout is Pakawi Park een belangrijke toeristische trekpleister. Het geld zou bedoeld zijn om noodzakelijke aanpassingen te financieren. Daarvoor werd ook al een crowdfundingactie opgezet. Die leverde tot dusver slechts ongeveer 2900 euro op, tegenover een streefbedrag van 50.000 euro. Via een afzonderlijke inzamelactie van Pakawi zelf werd 8300 euro opgehaald. Dat is bedoeld voor een nieuw leeuwenverblijf.
Geen goed idee
Het gemeentebestuur ziet het voorstel voor een subsidie helemaal niet zitten. Volgens de meerderheidspartijen is het noodhulpfonds bedoeld voor slachtoffers van internationale rampen en humanitaire crises, niet voor particuliere bedrijven. De gemeente vindt dat de Vlaamse overheid verantwoordelijk is voor een oplossing. Op maandag 16 november bespreekt de gemeenteraad het voorstel.














