Er is opnieuw een jong geboren bij de enige dwergpinguïnkolonie in Europa. De kleinste pinguïnsoort ter wereld leeft van nature langs de kusten van Nieuw-Zeeland en Australië. In Europese dierentuinen blijkt het houden van de blauw bevederde pinguïns echter bijzonder lastig. Eén locatie vormt echter de uitzondering.
Dwergpinguïns zijn altijd zeldzaam geweest in Europese dierentuinen. Slechts een handvol parken waagde zich deze eeuw aan de soort. De Duitse dierentuin Zoo Wuppertal was de laatste pionier op het Europese vasteland. In 2009 nam de dierentuin de laatste dieren over uit de dierentuin van Keulen, aangevuld met één dier uit Bristol Zoo.
Groot foksucces bleef in Wuppertal echter uit, want binnen een jaar waren alle pinguïns al weer overleden. In de zomer van 2011 volgde een nieuwe poging. Deze keer werd het grootser aangepakt: Taronga Zoo in Sydney schonk dertig dwergpinguïns aan het Duitse dierenpark. Voor de groep werd een oud koningspinguïnverblijf omgebouwd, speciaal naar hun behoeften.
Maar ook dit dertigtal stierf echter in hoog tempo: binnen twee maanden was het grootste deel van de groep overleden. De laatste vogel stierf uiteindelijk een jaar later in 2012. Door de jaren heen werden verschillende doodsoorzaken genoemd. Bekend is dat dwergpinguïns, net als andere pinguïnsoorten, gevoelig zijn voor schimmelinfecties zoals aspergillose, maar ook voor malaria en bacteriële infecties.
Weymouth
Toch viert de enige overgebleven Europese locatie met de soort deze week opnieuw foksucces. In de Engelse kustplaats Weymouth ligt een vestiging van Sea Life. De keten staat in Europa vooral bekend om het uitbaten van middelgrote aquaria met een vrij generieke diercollectie, maar dit Engelse filiaal kreeg in 2018 een unieke kans. Het mocht een kolonie dwergpinguïns overnemen van een Australische Sea Life-locatie, die de deuren sloot.
De pinguïns worden ongeveer 40 centimeter hoog en wegen rond de één kilo. Door hun bescheiden formaat en minder opvallende verenkleed lijken het het direct als publiekstrekkers. Toch investeerde Sea Life meer dan 100.000 pond (115.000 euro) in de komst van de vogels in Weymouth.
Klimaat
De verhuizing naar Engeland bleek het begin van de eerste stabiele dwergpinguïnpopulatie in Europa. De afgelopen jaren werden meerdere jongen geboren. De kolonie, die startte met 25 dieren, telt inmiddels 42 exemplaren.
De afgelopen jaren is in Weymouth veel geëxperimenteerd met het fokken van de pinguïns. Zo worden verschillende typen nestboxen gebruikt, waaronder speciaal aangepaste buitenkennels waarin de dieren kunnen graven in zand dat lijkt op de Australische stranden.
Het succes hangt mogelijk ook samen met het klimaat in Weymouth, wat mede een reden was voor de verhuizing van de pinguïns naar dit specifieke Sea Life-filiaal. Volgens de dierentuin komen de gemiddelde zomer- en wintertemperaturen in de badplaats sterk overeen met die in het natuurlijke leefgebied van de soort.
Henry
Het meest recente kuiken kwam op 30 januari uit het ei en kreeg de naam Henry. Hij wordt met de hand grootgebrach. De dierentuin neem vaker de zorg over van één van de twee eieren die dwergpinguïns meestal leggen. Zo kunnen de ouders hun volledige aandacht op één jong richten, wat de overlevingskansen vergroot. Geïnteresseerden die trouwens ook Henry heten, mogen ter viering van het kuiken tot en met 15 februari de Sea Life-vestiging gratis bezoeken.













Discussion about this post